Participatie als sleutel voor succesvol verduurzamen monumenten

  • gisteren
  • Faro-team
  • 8
Profielfoto van Faro-team
Voor iedereen

Door Marina Laméris, erfgoedadviseur en een van de initiatiefnemers van het Faroproject 'Terug naar de bedoeling'

Ook monumenten moeten verduurzamen, maar de energietransitie van monumenten verloopt moeizaam. Niet omdat de kennis over technische oplossingen ontbreekt - inmiddels is veel bekend over verduurzamen van monumenten en hoe dat kan zonder onevenredige aantasting van de monumentwaarden. Niet omdat de wil ontbreekt: eigenaren, overheid, adviseurs en uitvoerders willen allemaal vooruit. En ook niet zozeer omdat de kosten voor het verduurzamen te hoog zijn. En zelfs niet omdat de wettelijke kaders geen ruimte bieden.

De transitie loopt vast omdat het systeem niet is ingericht op de opgave.

Dat is een probleem dat verder reikt dan de monumentensector. Het raakt aan de vraag hoe een democratische overheid omgaat met verplichtingen die zij zelf oplegt aan burgers. In die omgang ligt ook de sleutel voor de oplossing: als eigenaren van monumenten meer als gelijkwaardige partners worden betrokken, in een proces van co-creatie, kán de energietransitie versneld worden.

Een ongelijke verdeling van lasten
Eigenaren van monumenten dragen als het gaat om het verduurzamen onevenredig zware lasten. Ze betalen meer voor onderzoeken en vergunningen, wachten langer op toestemming en navigeren door procedures die niet zijn ontworpen voor verduurzaming. Velen haken af. Anderen werken buiten het vergunningstelsel om. Zelfs eigenaren die zich organiseren in collectieven en die de juiste adviseurs en die de beste stappenplannen volgen, komen nauwelijks tot uitvoering. Dat is slecht nieuws voor ons erfgoed. De kans op schade is groot, terwijl juist het voorkomen van schade het doel is van het vergunningstelsel.

Dit is niet alleen onwenselijk - het is ook juridisch problematisch. De Algemene wet bestuursrecht vereist dat lasten die aan eigenaren worden opgelegd in redelijke verhouding staan tot het publieke belang. Ook is de overheid verplicht om nut en noodzaak van gestelde eisen deugdelijk te onderbouwen. De overheid heeft het systeem echter zo ingericht dat het gros van de eigenaren de verduurzamingsopgave nauwelijks kan uitvoeren. Aan monumenteigenaren worden hoge eisen gesteld om hun plannen te onderbouwen, en de kosten voor onderzoeken, tekeningen en vergunningen zijn onevenredig vele malen hoger dan voor andere eigenaren. Dat is strijdig met verschillende beginselen van behoorlijk bestuur en schaadt het vertrouwen dat eigenaren hebben in de overheid.

Waarom participatie noodzakelijk is
De opgave van de energietransitie verschilt wezenlijk van een vergunningaanvraag voor bijvoorbeeld een dakkapel of uitbouw. Dan is de eigenaar een initiatiefnemer met een eigen wens. Bij verduurzaming gaat het om een verplichting die de overheid oplegt: ook monumenten moeten op termijn zonder fossiele brandstoffen kunnen en bijdragen aan de doelen voor CO2-reductie. Dit verschil vraagt om een fundamenteel andere houding: niet de overheid die beoordeelt of een eigenaar iets mag, maar overheid en eigenaar die samen uitvoering geven aan een gedeelde opgave.

Participatie in het verduurzamen van monumenten is daarom geen luxe of gunst - het is een noodzakelijke voorwaarde. Meedenken over systeemverandering, niet vrijblijvend, niet raadplegend, maar met consequenties, is de sleutel voor succes.

Uit de praktijk van het Faroproject 'Terug naar de bedoeling', waarin eigenaren, ambtenaren, uitvoerders en adviseurs samen de knelpunten onderzochten, bleek dat er wél ruimte is binnen de wet. Procedures kunnen eenvoudiger, eisen kunnen evenrediger, regels kunnen anders en de bewijslast kan eerlijker worden verdeeld. Onderzoek toont aan dat bij minstens 80% van de monumenten een acceptabel energieverbruik gerealiseerd kan worden met gebruik van standaard technische oplossingen. Zonder tijdrovend en kostbaar maatwerk én zonder onevenredig verlies van monumentwaarden. En het overgrote deel van de 20% die overblijft, kan met maatwerk ook een heel eind komen. De juridische en technische ruimte voor een andere aanpak is er. Die ruimte wordt alleen onvoldoende erkend en blijft nog te veel onbenut.

De kracht van het uitdaagrecht
Hier ligt de kracht van het uitdaagrecht, dat erfgoedgemeenschappen en eigenaren het formele recht geeft om taken en procedures over te nemen wanneer zij aantonen dat het beter kan. Het uitdaagrecht betekent: niet vrijblijvend meepraten, maar daadwerkelijk mede-eigenaarschap realiseren.

Maar het uitdaagrecht werkt alleen als de overheid bereid is daadwerkelijk los te laten. Ambtenaren moeten het mandaat krijgen - en de bestuurlijke opdracht - om samen met eigenaren procedures te herontwerpen. Eigenaren kunnen in co-creatie als gelijkwaardige partners hieraan meewerken - en de opgave van verduurzamen rechtvaardigt die positie ook. Zolang de onderlinge verhouding tussen gemeente en eigenaren er een is van wederzijds wantrouwen en het systeem vooral drempels opwerpt in plaats van weghaalt, komt niemand verder. Dan is er geen basis voor samenwerken. En is er geen kans op het versnellen van de energietransitie - behalve misschien geheel buiten het systeem om.

Conclusie
Iedereen heeft het beste voor. Maar de energietransitie van monumenten vereist een systeemverandering met beter werkbare procedures en minder onevenredige lasten. Dat vereist democratische vernieuwing. Ambtenaren kunnen het mandaat om te veranderen niet zomaar zelf pakken. De sleutel voor vernieuwing ligt in gedeeld eigenaarschap: overheid en eigenaren die geen verantwoording afleggen aan elkaar, maar samen verantwoordelijkheid nemen. De sleutel ligt in samen procedures ontwerpen die gebaseerd zijn op evenredigheid en proportionaliteit.

De tijd voor verandering is nu, want de opgave is urgent.

Als we blijven doen wat we altijd deden, halen we de doelstellingen voor de energietransitie van monumenten niet. En dan gaan we ook voorbij aan principiële beginselen van onze democratie én aan de bedoeling van de wet, waarin het voorkomen van schade en het veiligstellen van de toekomst van het erfgoed centraal staat.

Over de auteur:
Marina Laméris is erfgoedadviseur en een van de initiatiefnemers van het Faroproject 'Terug naar de bedoeling'. Dit project onderzocht hoe eigenaren van monumenten en de gemeente samen kunnen werken in een meer gelijkwaardige relatie om de energietransitie van monumenten te versnellen.

Trefwoorden