Publieksbereik, participatie en burgerwetenschap in de archeologie: Een verkenning van het Nederlandse stelsel

  • 26 aug
  • Marjolein Woltering
  • 43
Marjolein Woltering
Voor iedereen

Onlangs heeft Mylou van Westerveld een onderzoek uitgevoerd naar publieksparticipatie, publieksbereik en burgerwetenschap in de Nederlandse archeologie. Hieronder een samenvatting van deze verkenning:

Aanleiding voor dit onderzoek is de groeiende aandacht voor maatschappelijke betrokkenheid in erfgoed, mede door het Verdrag van Faro, dat Nederland recent heeft ondertekend. Dit verdrag benadrukt het belang van gedeeld erfgoed en actieve participatie van burgers in cultureel erfgoedbeheer. Tegelijkertijd wordt duidelijk dat bestaande wetgeving, zoals de Erfgoedwet en het Verdrag van Valletta (Malta), primair gericht is op bescherming en professionalisering, waardoor burgerbetrokkenheid in de praktijk vaak beperkt blijft.
De centrale vraag van dit onderzoek luidt: hoe krijgt publieksparticipatie in de Nederlandse archeologie vorm, welke belemmeringen en kansen zijn er, en hoe kunnen deze vormen van betrokkenheid structureel worden versterkt?
Om deze vraag te beantwoorden zijn 49 semigestructureerde interviews afgenomen met betrokkenen uit het veld, waaronder vrijwilligers, archeologen, beleidsmakers, museummedewerkers, onderzoekers, lokale initiatieven en landelijke organisaties. De interviews zijn thematisch gecodeerd en geanalyseerd, met drie hoofdthema’s als uitkomst: de beleving van participatie, ervaren knelpunten en succesfactoren, en de behoeften aan versterking en vernieuwing. De interviewdata worden in detail gepresenteerd in de bijlagen.
De resultaten laten zien dat het enthousiasme voor participatie groot is en dat er talloze inspirerende voorbeelden bestaan, van co-creatie projecten met lokale gemeenschappen, tot digitale burgerwetenschapsprojecten en sociale initiatieven zoals archeologie met veteranen. Veel deelnemers ervaren een sterke meerwaarde: van persoonlijke ontwikkeling en zingeving tot verbondenheid met lokale geschiedenis en gemeenschap. Participatie blijkt bovendien een effectieve manier om archeologie toegankelijker en maatschappelijk relevanter te maken.
Tegelijkertijd is de praktijk weerbarstig. Belemmeringen zijn onder meer:
- Versnipperde regelgeving en gebrek aan landelijke coördinatie;
- Tijdsdruk en beperkte capaciteit bij zowel archeologen als vrijwilligers;
- Complexe en ontoegankelijke subsidieregelingen;
-Beperkte inclusiviteit en bereik van nieuwe doelgroepen;
- En een gebrek aan structurele terugkoppeling, evaluatie en waardering.

Participatie wordt te vaak ingevuld als 'extraatje' of vrijblijvend project, zonder structurele inbedding in beleid, wetgeving of de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA). Vrijwilligers voelen zich regelmatig onderbenut, en archeologen missen handvatten om participatie duurzaam en betekenisvol te organiseren.
Op basis van de interviews en analyse doet dit rapport een aantal duidelijke aanbevelingen:
- Veranker participatie en publieksvertaling wettelijk binnen archeologiebeleid en het Programma van Eisen (PvE).
- Investeer in publieksarcheologie als specialisme, met vaste functies, scholing en erkenning.
- Vereenvoudig financiering via toegankelijke, laagdrempelige subsidieregelingen en stimuleer samenwerking tussen overheid, veld en burgerinitiatieven.
- Ontwikkel een centraal participatieplatform en regionale ‘maakplekken’ waar mensen informatie, begeleiding en netwerk kunnen vinden.
- Vergroot de inclusiviteit, bijvoorbeeld door archeologie actief te verbinden met educatie, welzijn en gemeenschapsvorming.
- Bouw aan vertrouwen en wederzijds begrip, met aandacht voor goede communicatie, terugkoppeling en samenwerking op basis van gelijkwaardigheid.

De conclusie is dat publieksparticipatie in archeologie veel potentie heeft om (archeologisch) erfgoed breed toegankelijk en maatschappelijk relevant te maken, maar daarvoor zijn heldere kaders, structurele ondersteuning en een cultuurverandering nodig.

Het hele rapport vind je hier :

https://studenttheses.universiteitleiden.nl/handle/1887/4257707